MylabZelfzorgGezondheidNieuwsContact


04. Bloedwaarden


Bij de verschillende Mylab testen worden bloedwaarden bepaald. Hieronder wordt per test een korte uitleg van de bloedwaarden gegeven.
 
Mylab Gezond leven Test:
De Mylab Gezond leven Test bepaald in totaal 9 bloedwaarden. Er wordt getest op bloedarmoede (Hb, hematocriet, MCV), de vetstofwisseling (totaal cholesterol, HDL, LDL, Triglyceriden), suikerziekte (glucose) en de mogelijke aanwezigheid van een infectie (bezinking).
  1. Hemoglobine: Hemoglobine is verantwoordelijk voor het zuurstoftransport door de rode bloedcellen. Een tekort duidt op bloedarmoede.
  2. Hematocriet: Hematocriet staat voor het deel van het volume van het bloed dat wordt bepaald door de cellen. Een verlaging past bij bloedarmoede, een verhoging bij uitdroging of een bovenmatige activiteit van het beenmerg.
  3. Mean Cell Volume (MCV): Hiermee wordt de gemiddelde inhoud van de rode bloedcellen bedoeld. Bij bloedarmoede wijst het MCV in de richting van de oorzaak. Een verlaging wijst op een ijzergebrek, een verhoging past eerder bij een gebrek aan vitamine B12 of foliumzuur.
  4. Cholesterol totaal: Cholesterol vervoert vetten in het lichaam en is tevens de grondstof voor allerlei hormonen. Een verhoogd cholesterol wordt gevonden bij een verstoring van de vethuishouding.
  5. HDL: HDL-cholesterol is vooral betrokken bij het gereed maken van vetten voor verbruik. Omdat dit leidt tot een verlaging van het vetgehalte heeft HDL-cholesterol de naam 'goede cholesterol'.
  6. LDL: LDL-Cholesterol is vooral betrokken bij de opslag van vetten (vervoer van vetten naar de lever). Omdat dit leidt tot een verhoging van het lichaamsvetgehalte heet LDL-cholesterol ook wel het 'slechte cholesterol'.
  7. Triglyceriden: Triglyceriden zijn vrije vetzuren en daarmee een maat voor vetten die (nog) niet opgeslagen en ook (nog) niet worden verbruikt. Een verhoogde waarden wordt gevonden vlak na een vetrijke maaltijd of bij een verstoring van het vetmetabolisme. Voor een betrouwbare bepaling is het dan ook van belang om bij de bloedafname nuchter te zijn.
  8. Glucose: Dit is de hoofdbrandstof van het lichaam. Een verhoogde of verlaagde waarde wijst op een verstoring van het regelmechanisme, waarbij diverse hormonen zijn betrokken. Een veelvoorkomende reden voor een verhoogd glucose (bij een nuchtere bloedafname) is diabetes (suikerziekte), door een tekort van of ongevoeligheid voor insuline.
  9. Bezinking (BSE): De bezinking is een maat voor de snelheid waarmee de rode bloedcellen uitzakken in bloed dat onstolbaar is gemaakt. Deze snelheid is verhoogd als de hoeveelheid fibrinogeen of immuunglobulinen in het bloed toeneemt zoals bijvoorbeeld bij een infectie. De afkorting BSE heeft in dit geval niets met gekke koeien ziekte te maken.
Mylab Gezond leven Test Extra:
De Mylab Gezond leven Extra Test bepaald in totaal 13 bloedwaarden. Naast de bepalingen in de Mylab Bewust Leven Test wordt ook de bloedgroep bepaald, de nierfunctie (kreatinine, urinezuur) en de leverfunctie (LDH).
 
  1. Bloedgroep: Met bloedgroep wordt meestal de ABO bloedgroep bedoeld, maar er zijn er nog veel meer. Het ABO systeem is het belangrijkst omdat iedereen altijd antistoffen maakt tegen de bloedgroep die hij/zij niet heeft. Bloedgroep O heet "nul" en niet ""oo"", omdat de afwezigheid van A en B wordt bedoeld. Transfusie met een bloedgroep waartegen de ontvanger antistoffen produceert is zeer gevaarlijk, en kan zelfs dodelijk zijn.
  2. Kreatinine: Kreatinine is het normaal voorkomend afvalproduct van de spieren. Omdat creatinine vrijwel volledig door de nieren wordt uitgescheiden is het een goede maat voor de nierfunctie.Lactaatdehydrogenase is een enzym dat voorkomt in lever, spieren en rode bloedcellen. Om inzicht in te krijgen in de werking van deze organen is LDH alleen van belang in combinatie met andere laboratoriumuitslagen.
  3. AST: Aspartaat Aminotransferase is een enzym betrokken bij de aanmaak van eiwitten. Een verhoogd ASAT past ondermeer bij een leverontsteking (hepatitis) of schade aan de spieren. Indien ASAT meer is verhoogd dan ALAT duidt dit vaak op een toxische (vergiftiging) in plaats van virus (b.v. hepatitis A, B of C) als oorzaak van de hepatitis, bijv. door alcohol. 
  4. ALT: Alanine Aminotransferase is een leverenzym betrokken bij de aanmaak van eiwitten. Een verhoogd ALAT past bij een leverontsteking (hepatitis).
  5. Laktaatdehydrogenase (LDH): Lactaatdehydrogenase is een enzym dat voorkomt in lever, spieren en rode bloedcellen. Om inzicht in te krijgen in de werking van deze organen is LDH alleen van belang in combinatie met andere laboratoriumuitslagen.
  6. Urinezuur: Urinezuur is een afbraakproduct van DNA, dat normaal met de urine wordt uitgescheiden (vandaar de naam). Bij een hogere dan normale productie of slechtere dan normale uitscheiding ontstaan hiervan hoge concentraties in het bloed.
Mylab Gezond leven Test Compleet:
Bij Mylab Gezond leven Test Compleet worden maar liefst 28 bepalingen gedaan. Er wordt uitgebreid onderzoek gedaan naar bloedarmoede (Fe, ferritine, transferrine verzadigingspercentage, foliumzuurgebrek, vitamine B12), stolling (PT, Fibrinogeen), de urinewegen, de nierfunctie, de leverfunctie (ASAT, ALAT, GGT, Albumine) en schildklierfunctie (TSH, fT4).
 
  1. Fe: IJzer is een essentiële bouwsteen van hemoglobine, de stof in rode bloedcellen die verantwoordelijk is voor het zuurstoftransport. Een tekort leidt tot bloedarmoede. Te veel ijzer leidt tot leververgiftiging en andere orgaanschade.
  2. Ferritine: Ferritine is een eiwit betrokken bij de opslag van ijzer, dat nodig is voor de aanmaak van rode bloedcellen. Een verlaagd ferritine wijst op een ijzertekort, wat vaak lijdt tot bloedarmoede.
  3. Transferrine verzadigingspercentage: Transferrine is een eiwit betrokken bij het transport van ijzer in het lichaam. Een verhoogd transferrine past bij een ijzertekort (zie ferritine).
  4. Foliumzuurgebrek: Foliumzuur is één van de essentiële bouwstenen van ondermeer bloedcellen. Het behoort tot de familie van de B-vitaminen en komt vooral voor in groene groenten. Bij een tekort ontstaat bloedarmoede.
  5. Vitamine B12: Vitamine B12 is één van de essentiële bouwstenen van bloedcellen. Het behoort tot de familie van de B-vitaminen en komt vooral voor in vlees en vis. Vitamine B12 is nodig voor de opname van foliumzuur in de cel. Bij een tekort ontstaat bloedarmoede en neurologische problemen.
  6. PT: "De Protrombinetijd (uitgedrukt in seconden) is een maat voor de bloedstolling. De PT meet met name de activiteit van die stolfactoren waarvan de activiteit afhankelijk is van vitamine K. Een verlengde tijd duidt op vertraagde stolling en kan passen bij een vitamine K tekort, bijvoorbeeld als gevolg van een verstoorde opname in de darm. Ook wordt deze test gebruikt om de mate van ontstolling (""bloedverdunning"") te bepalen bij patiënten die hiervoor geneesmiddelen (orale antistolling) nemen, en onder controle zijn van de trombosedienst. In zeldzame gevallen kan er een (erfelijk) tekort zijn aan een bepaalde stollingsfactor (bv Factor VII)."
  7. Fibrinogeen: Fibrinogeen is het eiwit dat bij stolling wordt omgezet in fibrine. Fibrine vormt een netwerk, wat essentieel is voor een goede bloedstolling. Een te laag fibrinogeen maakt goede stolling moeilijk of zelfs onmogelijk.
  8. Bilirubine: Bilirubine is een natuurlijk afbraakproduct van hemoglobine, de bloedskleurstof. De concentratie van het gele bilirubine wordt verhoogd als er veel bloed tegelijk wordt afgebroken (bij een pasgeboren baby) of als de lever het bilirubine niet snel genoeg weer afbreekt (zoals bij ontsteking van de lever, hepatitis). 
  9. GGT: Gamma Glutamyltranspeptidase is een leverenzym betrokken bij de aanmaak van eiwitten. Een verhoging duidt op stuwing van galwegen of druk op de lever. Een licht verhoogde waarde wordt ook gevonden bij bovenmatig gebruik van alcohol.
  10. Albumine: Albumine is het eiwit dat wordt geproduceerd in de lever en meer dan helft van de totale hoeveelheid eiwit in bloed voor zijn rekening neemt. Een verlaging duidt op ziekte, de lever is dan druk bezig om andere eiwitten te produceren, of de lever kan niet voldoende eiwitten maken door bijvoorbeeld ondervoeding.
  11. TSH: TSH ofwel schildklier stimulerend hormoon wordt in de hypofyse (hersenaanhangsel) gemaakt om de schildklier te stimuleren om schildklierhormoon te produceren. Een te hoog TSH past bij een slecht werkende schildklier, een laag TSH past bij een te sterk werkende schildklier.
  12. fT4: fT4 is schildklierhormoon. Schildklierhormoon zorgt ervoor dat allerlei processen in het lichaam snel genoeg verlopen. Een te lage waarde duidt op een te traag werkende schildklier. Een te hoog FT4 duidt op een te snel werkende schildklier.
 

Mylab Sporttest:

Bij de Mylab Sporttest worden 14 waarden bepaald. Er wordt uitgebreid getest op bloedarmoede (Hb, hematocriet, MCV, Ijzer, ferritine, transferrineverzadigingspercentage), de aanwezigheid van ontstekingen (differentiatie leucocyten), de vetstofwisseling (totaal cholesterol, HDL, LDL, Triglyceriden), de mineralenstatus (magnesium en calcium) en urinezuur.

  1. Hemoglobine: Hemoglobine is verantwoordelijk voor het zuurstoftransport door de rode bloedcellen. Een tekort duidt op bloedarmoede.
  2. Hematocriet: Hematocriet staat voor het deel van het volume van het bloed dat wordt bepaald door de cellen. Een verlaging past bij bloedarmoede, een verhoging bij uitdroging of een bovenmatige activiteit van het beenmerg
  3. Mean Cell Volume (MCV): Hiermee wordt de gemiddelde inhoud van de rode bloedcellen bedoeld. Bij bloedarmoede wijst het MCV in de richting van de oorzaak. Een verlaging wijst op een ijzergebrek, een verhoging past eerder bij een gebrek aan vitamine B12 of foliumzuur.
  4. Fe: IJzer is een essentiële bouwsteen van hemoglobine, de stof in rode bloedcellen die verantwoordelijk is voor het zuurstoftransport. Een tekort leidt tot bloedarmoede. Te veel ijzer leidt tot leververgiftiging en andere orgaanschade.
  5. Ferritine: Ferritine is een eiwit betrokken bij de opslag van ijzer, dat nodig is voor de aanmaak van rode bloedcellen. Een verlaagd ferritine wijst op een ijzertekort, wat vaak lijdt tot bloedarmoede.
  6. Transferrineverzadigingspercentage: Transferrine is een eiwit betrokken bij het transport van ijzer in het lichaam. Een verhoogd transferrine past bij een ijzertekort (zie ferritine).
  7. Differentiatie leucocyten: Leukocyten differentiatie staat voor het uitsplitsen van de witte bloedcellen naar de verschillende (sub)typen. De in normale gevallen meest voorkomenden zijn: neutrofiele granulocyten, lymfocyten, eosinofiele granulocyten, basofiele granulocyten en monocyten. Deze informatie is van belang om de oorzaak van een verhoogd of verlaagd aantal witte bloedcellen te achterhalen.
  8. Cholesterol totaal: Cholesterol vervoert vetten in het lichaam en is tevens de grondstof voor allerlei hormonen. Een verhoogd cholesterol wordt gevonden bij een verstoring van de vethuishouding.
  9. HDL: HDL-cholesterol is vooral betrokken bij het gereed maken van vetten voor verbruik. Omdat dit leidt tot een verlaging van het vetgehalte heeft HDL-cholesterol de naam 'goede cholesterol'.
  10. LDL: LDL-Cholesterol is vooral betrokken bij de opslag van vetten (vervoer van vetten naar de lever). Omdat dit leidt tot een verhoging van het lichaamsvetgehalte heet LDL-cholesterol ook wel het 'slechte cholesterol'.
  11. Triglyceriden: Triglyceriden zijn vrije vetzuren en daarmee een maat voor vetten die (nog) niet opgeslagen en ook (nog) niet worden verbruikt. Een verhoogde waarden wordt gevonden vlak na een vetrijke maaltijd of bij een verstoring van het vetmetabolisme. Voor een betrouwbare bepaling is het dan ook van belang om de bij de bloedafname nuchter te zijn.
  12. Mineralenstatus (Mg, Calcium): Magnesium is belangrijk voor de werking van vele enzymen en daarmee onmisbaar. Daardoor leidt een tekort tot talloze gezondheidsproblemen.
  13. Calcium is van groot belang voor talloze processen, niet alleen nodig voor de opbouw van botten en tanden, maar ook voor een goede werking van het zenuwstelsel en de bloedstolling. Een afwijkende waarde kan vele oorzaken hebben aangezien bij de regulatie van de Calcium waarde vele hormonen en organen zijn betrokken (o.a. nieren, botten, bijschildklier).
  14. Urinezuur: Urinezuur is een afbraakproduct van DNA, dat normaal met de urine wordt uitgescheiden (vandaar de naam). Bij een hogere dan normale productie of slechtere dan normale uitscheiding ontstaan hiervan hoge concentraties in het bloed.

 

Mylab Sporttest Extra:

De Mylab Sporttest Extra bepaald in totaal 18 bepalingen. Naast de bepalingen bij de Mylab Sporttest worden ook nog de belasting van de spieren (CK) en het hart (pro-BNP) gemeten alsook het functioneren van de lichaamprocessen (vitamine B1 en B6).

 

  1. Foliumzuurgebrek: Foliumzuur is één van de essentiële bouwstenen van ondermeer bloedcellen. Het behoort tot de familie van de B-vitaminen en komt vooral voor in groene groenten. Bij een tekort ontstaat bloedarmoede.
  2. CK: Creatine Kinase is een enzym dat voorkomt in (hart)spiercellen. Verhoogde CK waarden komen voor bij spierschade en hartspierschade.
  3. Vitamine B1: Vitamine B1 is een lid van de familie van B-vitaminen. B1 komt voor in melk en de vliezen van graanproducten en rijst. Bij een tekort ontstaan aandoeningen in de prikkelgeleiding van de zenuwen.
  4. Vitamine B6: Vitamine B6 is een lid van de familie van B-vitaminen en heet ook wel pyridoxal. Het is een co-factor (hulpstof) van talloze enzymen. Zonder vitamine B6 verlopen allerlei lichaamsprocessen trager.